Artikel 19 - Bedrukking Cosmetica flesjes

Artikel 19 van de Cosmeticaverordening

In artikel 19 van de Cosmeticaverordening staat beschreven wat volgens de wet op het etiket van een cosmetisch product moet staan.
Voor vele start-up bedrijven met een eigen cosmeticalijn is het niet geheel duidelijk wat er allemaal op het flesje moet komen staan.
Hieronder hebben wij een overzichtelijke lijst gemaakt aan welke eisen de opdruk moet voldoen.


Wij helpen u graag verder bij de opmaakt en design van uw opdruk

Naam en adres van fabrikant/importeur: 
De naam en het adres van degene die verantwoordelijk is voor het op de markt brengen van het product. Vaak staan er meerdere adressen op het etiket, het adres waar het productinformatiedossier ligt moet dan worden benadrukt door bijvoorbeeld het adres te onderstrepen. Dit is informatief voor de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. 

Land van productie: 
Wanneer een product buiten de Europese Unie is geproduceerd, dan staat dit op het product of de verpakking vermeld.

Hoeveelheid: 
De nominale inhoud op het tijdstip van verpakking staat aangegeven in gewicht of volume. 

Houdbaarheid: 
Voor de aanduiding van de houdbaarheid zijn in de Cosmeticaverordening twee verschillende systemen opgenomen. Welk systeem gebruikt moet worden is afhankelijk van de houdbaarheid na productie. Als producten ongeopend dertig maanden of langer houdbaar zijn, moet de gebruiksperiode worden vermeld. Hiervoor wordt het symbool met het geopende potje gebruikt. Is het product minder dan dertig maanden vanaf productie houdbaar, dan moet de houdbaarheidsdatum worden vermeld voorafgegaan met de woorden 'bij voorkeur te gebruiken voor eind...'of het zandlopersymbool. In sommige gevallen, waarin het concept van houdbaarheid na opening niet relevant is, hoeft de houdbaarheidsdatum niet vermeld te worden.

Bijzondere voorzorgen in verband met het gebruik: 
Gebruiksaanwijzing hoe het product het beste toegepast kan worden. Ten minste de waarschuwingen en bijzondere voorzorgsmaatregelen die zijn aangegeven in de bijlagen III t/m VI van de Cosmeticaverordening moeten worden vermeld.  

Batch- of codenummer: 
Dit is een uniek nummer van een product. Mocht er ooit twijfel bestaan over de kwaliteit van een product, dan kan eventueel worden nagegaan of dit voor de hele batch geldt.

Functie product: 
Omschrijving van het product, bijvoorbeeld badschuim, lippenbalsem, aftersun of scheerschuim. De functie van het cosmeticaproduct moet op de verpakking vermeld worden, tenzij deze duidelijk blijkt uit de verpakking of productnaam.

Ingrediëntendeclaratie: 
Alle ingrediënten die gebruikt zijn bij de productie moeten op de verpakking staan. Om de ingrediënten op uniforme wijze op cosmetica te kunnen vermelden, wordt gebruik gemaakt van gestandaardiseerde namen voor de ingrediënten, zogeheten INCI-namen. INCI staat voor International Nomenclature Cosmetic Ingredients. Lees alle INCI-namen op de website van de Europese Unie. 
De ingrediënten worden vermeld in volgorde van afnemend gewicht. Ingrediënten die voor minder dan 1% in het product aanwezig zijn, mogen in willekeurige volgorde worden genoemd aan het einde van de ingrediëntvermelding. 
In sommige producten worden nano materialen gebruikt. De naam van zulke ingrediënten wordt gevolgd door het woord 'nano' tussen haakjes. 
Sommige producten worden samengesteld uit een reeks van kleuren. Om niet voor iedere nieuwe tint een apart etiket te hoeven maken, mogen alle kleuren in één ingrediëntvermelding worden genoemd.  Dit wordt aangegeven met de zin ’Kan ... bevatten’ of ‘May contain ...’ of ‘[+/- ...]’. Deze regeling geldt niet voor haarkleurstoffen. Indien van toepassing moet de CI-nomenclatuur worden gebruikt (Colour Index) voor de vermelding van kleurstoffen.

Bel:+31 (0) 402042485 Mail ons
Copyright Artisan Printing Service 1987 - 2020 | PRIVACYVERKLARING
Bel:+31 (0) 402042485 Mail ons